De geschiedenis van het EK Veldrijden

Het EK Veldrijden bestaat dit jaar alweer 18 jaar. In 2003 vond de eerste editie plaats in Tsjechië. In de jaren die daarop volgden, werd dit wielerspektakel ieder jaar op verschillende plekken verreden. En met trots kunnen we zeggen dat het voor de tweede keer in Nederland is. Maar hoe is het eigenlijk allemaal begonnen?

De start

In 2003 organiseerde de Union Européenne de Cyclisme (UEC), met als voorzitter de Duitse Vladimir Holecek, het eerste EK Veldrijden. Deze eerste wedstrijd vond plaats in het mooie Tábor in Tjechië. De UEC is opgericht in 1990 op verzoek van achttien verschillende landen. Inmiddels vertegenwoordigt de UEC maar liefst vijftig landen in Europa. De organisatie is een van de vijf continentale confederaties die samen lid zijn van de International Cycling Union (UCI). De UEC vindt het belangrijk om alle fietsdisciplines te ontwikkelen én te stimuleren. Zij organiseren tot op de dag van vandaag alle Europese kampioenschappen en Europacups.

Het vertrekpunt

Door de jaren heen zijn er inmiddels zes categorieën waarin de koersen worden gereden. Toen het EK Veldrijden van start ging in 2003, waren er alleen koersen voor de vrouwen-elite, de mannen-beloften en de mannen-junioren. De eerste winnaars die in 2003 goud te pakken hadden waren Martin Zlámalík, Niels Albert en Hanka Kupfernagel. In 2015 kwam er een vierde categorie voor de mannen-elite, met als eerste winnaar Lars van der Haar en in 2015 was de eerste winnares van de vrouwen-junioren Puck Pieterse.

Nederland heeft door de jaren heen heel wat medailles gewonnen tijdens het EK Veldrijden. In totaal heeft Nederland er 64. En met 31 gouden, 20 zilveren en 13 bronzen medailles staat Nederland bovenaan de ranglijst. Nederland heeft daarom ook vaak de wit-blauwe trui met de gouden sterren erop mogen dragen.